In Frankfurt keek men niet om maar vooruit
23 september 2009 • Door: Wim Oude Weernink
De Frankfurter IAA heeft zijn deuren al weer bijna gesloten maar ik ben er nog niet klaar mee. Want de 2009 editie was toch wel bijzonder en ook positief, zo midden in een crisis die de auto-industrie aan de rand van de afgrond bracht. Het leed van dramatische verkoopdalingen en megaverliezen was dus het gesprek van de dag. Maar uit wat ik er heb gezien en gehoord concludeerde ik echter een positieve toekomstvisie.
Ok, het echte productnieuws was beperkt, althans niet revolutionair. Op de nieuwe Opel Astra na want die symboliseerde de nieuwe start onder nieuwe eigenaars ofschoon de uitkomst van de reddingsoperatie door Magna en de Russische Sberbank nog niet zeker is. De stemming onder wat de Duitsers noemen ‘Opelaner’ was desondanks uitstekend en sowieso opgelucht.
Laat ik me dus beperken tot de interessante trends. Dit jaar geen overdaad aan 500 pk-plus BMW’s, AMG’s of Brabussen al wil ik u de wonderschone Mercedes-Benz SLS met vleugeldeuren niet onthouden. De Europese autotoekomst lijkt echter weggelegd voor niet alleen kleine maar vooral ook leuke luxe modelletjes. BMW geeft met de Mini al enkele jaren het voorbeeld. De nieuw generatie met het debuterende coupeetje, dat de bijnaam ‘mini met baseball cap’ kreeg, bewijst dat klein heel erg fijn kan zijn. Lekker exclusief, ook lekker snel en tegelijkertijd zuinig. Daarmee kun je je beter vertonen in de P.C. Hooftstraat dan met een Hummer.
De hele industrie heeft dat inmiddels door. Citroën geeft het idee van klein-maar-fijn vorm in de DS reeks. Voor alle duidelijkheid: de DS3 is geen klassieke snoek maar een compacte tweedeurs die volgens de aloude Franse chic een extra dimensie (plus toegevoegde waarde) geeft aan de basis C3. Lekker frivool, zeg maar Parijs op wielen. Zustermerk Peugeot doet hetzelfde met de RCZ sportcoupé. Die heeft 200 pk met de laatste hybride techniek, is daarmee razendsnel en toch ook weer erg zuinig en CO2-arm – slechts 99 gram per kilometer. Zo kan ik nog even doorgaan want hoe verder je in Frankfurt keek en hoe meer je er sprak, des te meer indicaties ik van deze trend ontdekte. Met de revolutionaire super-zuinige Fiat MultiAir motortechniek is de Alfa Romeo MiTo ook een compact sportbommetje. Over enkele maanden volgt de Audi A1 – zal ook een snelle en exclusieve rakker worden. Zelfs de Toyota Auris – zo heet de huidige opvolger van de vroegere burgerlijke Corolla – komt over een jaar of twee in een Lexus jas en dito luxe op de markt. Ik maak me met die trend tenminste geen zorgen meer dat die hele CO2 reductie ons de lol in autorijden ontneemt.
En dan trend nummer 2: de elektrische auto, kortweg EV. Vorig jaar beloofde de hele industrie en politiek dat we in 2020 massaal elektrisch zouden rijden. Afgaande op het EV nieuws in Frankfurt zou je dat ook nu nog kunnen denken maar inmiddels is iedereen zich ervan bewust dat je niet in een paar jaar tijd 120 jaar historie van de verbrandingsmotor kunt afschaffen, laat staan een nieuwe energieketen met accu’s en laadstations kunt opzetten. Begrijp me goed: die elektrische auto komt er zeker aan maar dan veel genuanceerder en meer gesegmenteerd. Pure EV’s zullen alleen weggelegd zijn voor stads- en regionaal verkeer, domweg omdat de actieradius te beperkt is voor langere ritten.
Pas wanneer accu’s een actieradius van meer dan 200 kilometer toestaan, zal dat veranderen. Maar dat gaat langer dan tien jaar duren en ook geld kosten. Een beetje EV heeft een accupakket van ongeveer 20 kW/uur en het huidige prijsniveau van één kW/uur bedraagt ongeveer 650 euro – dat is dus omgerekend 13.000 euro! Die prijs zal de komende jaren wel dalen maar onder de 300 euro per kW/uur zal het voorlopig niet komen. Dan heb ik het nog niet over de infrastructuur met duizenden laadpunten – wie gaat dat betalen? De overheid belooft veel evenals de energiemaatschappijen maar uiteindelijk zullen bedrijven, winkelcentra of woningcorporaties voor de investering in stroompalen opdraaien. Zodat ik concludeer dat de hybride auto waarmee je elektrisch kunt rijden of EVs met een noodaggregaat aan boord (en waarvan je de accu’s thuis via het stopcontact kunt bijladen – daarom heten ze stekker hybriden) tot 2020 de meeste kans maken.
