Wim Oude Weernink
Autojournalist en autohistoricus Wim Oude Weernink weet als geen ander klassieke voertuigen op hun mérites te beoordelen. Bijna ... Lees meer »
De erfenis van meneer Piet
Door: Wim Oude Weernink
2012-01-17
Eerst Kroymans toen Hessing: zou het aan de naam Frits liggen dat de verkoop van exclusieve auto’s in Nederland bij voorbaat onder een slecht gesternte tot bankroet leidt? Met het grote verschil dat Frits Kroymans ondanks zijn megaschulden tot op de dag van vandaag een kwajongen is gebleven waarop je niet kwaad kunt worden (behalve wanneer je zelf nog geld van hem krijgt) en Frits Hessing niet bepaald tot de gezelligste makkers aan een stamtafel wordt gerekend. Het was ook op zijn zachtst gezegd niet erg chic van hem om ten tijde van het faillissement van zijn bedrijf zo uit te halen naar Evert Louwman aan wie hij een miljoen of tien schuldig was. Die heeft zijn bedrijf echt niet kapot gemaakt – Frits had gewoon aan zijn verplichtingen moeten voldoen.
Maar ik ken het bedrijf Hessing al langer dan vandaag, teruggaande tot eind jaren zeventig. Je betrad de wat protserige showroom van Hessing in de Bilt altijd met een bepaald respect want waar stonden zoveel exclusieve auto’s bij elkaar. Wanneer je eenmaal in de diepe lederen fauteuils was neergezegen kwam de zwartogige Marina met een kop koffie. Waarna meneer Piet Hessing altijd even tijd voor je maakte. Een interview gaf hij niet want dat hadden de Hessing-broertjes onder elkaar afgesproken. Ieder van hen was gelijk, geen van hen was de grote baas en hoeveel auto’s ze er verkochten en wat de omzet was, dat ging niemand wat aan.
Hessing groeide en bloeide, werd in 1972 importeur van Rolls-Royce en het toenmalige zustermerk Bentley en vertegenwoordigde een Taiwanese jachtbouwer in ons land. En Ford liet de import van Amerikaanse modellen over aan Hessing die er enkele duizenden van verkocht. Vooral de Taurus en de luxueuzere Mercury Sable waren een groot succes voor Hessing. Waarop zelfs een contract voor de aanpassing van Amerikaanse modellen voor heel Europa en Rusland volgde, een project dat echter misliep. En de andere Frits – Kroymans – kaapte vlak voor de neus van de familie Hessing het importschap van Jaguar in ons land weg.
Piet Hessing had het allemaal voor elkaar gekregen, met zijn ontwapenende manier van zakendoen en geweldige netwerk in de Dearborn. Altijd gesoigneerd en correct handelend won hij het vertrouwen van zijn zakelijke relaties en de harten van het publiek en ook journalisten, ondanks dat ze nooit een fel begeerd exclusief interview kregen. Maar intussen stak het de andere broers dat Piet Hessing onbedoeld en misschien zelfs ongewild als het gezicht van de firma Hessing werd beschouwd. Met als gevolg in de jaren negentig een nare familieruzie. De aimabele Piet werd door zijn broers onder druk uitgekocht, aan de kant gezet. Dat stak hem en zonder alle details te onthullen – want ken ik die wel? – moest het Piet Hessing op een gegeven moment wel van het hart: mijn broers hebben me kapot gemaakt. Die woorden lees ik nu weer – uit de mond van Frits Hessing maar nu ten aanzien van zijn relatie tot Evert Louwman. Volgens mij betaalde Piet Hessing zijn rekeningen altijd op tijd. Frits Hessing niet en die ging daarom gewoon failliet.

