Caravan

Wie bij zomerdag wel eens door Europa heeft getoerd, kan erover meepraten. Soms begint het met wat huisraad, dan volgen de grotere stukken bagage; vervolgens leidt het spoor tot een totaal geïmplodeerde caravan, die als een kaartenhuis in elkaar is gestort. Moeder-de-vrouw staat veilig achter de vangrail, huilend als een bakvis wier verkering zojuist is uitgemaakt, de kinderen ernaast – die al even hartverscheurend schreien. Vader probeert het dichtstbijzijnde Wegenwacht-steunpunt aan de lijn te krijgen. De vakantie van dit gezin ligt in duigen.

Andere vakantiegangers rijden er langzaam langs. Als ze zien dat het een landgenoot betreft, wordt er soms gestopt om te kijken of er iets te helpen valt. Eén ding is wel zeker: door de enorme klap van het ongeluk is het spreekwoordelijke halve mud Bintjes aan boord van de caravan in één keer omgezet in verse aardappelpuree. En het opwarmen is al begonnen, de koperen ploert heeft er zin in...

Sleeptouw

Dit soort vakantiedrama’s staat niet alleen. Het is zomers schering en inslag langs de autoroutes, Autobahnen, autostrada’s en autopista’s. Bij de echte sleurhutten – zoals caravans – ziet het er dan het meest rampzalig uit. Maar het gebeurt ook bij andere vormen van aanhangvervoer dat door auto’s op sleeptouw wordt genomen, zoals kampeerwagens, paarden- en boottrailers. Wat is de oorzaak? Op die vraag is een simpel antwoord mogelijk. Afgezien van een enkel caravandrama, dat ontstaat door het in een onbeheersbare slinger raken van de sleurhut, ligt de oorzaak doorgaans aan één of meer banden van de aanhanger, die het om de een of andere reden begeven.

Loopvlak

Caravanbanden leiden een buitengewoon ongeregeld leven. Dat leven is precies tegenover gesteld aan het leven van de caravanbewoners. Elf maanden per jaar hebben de caravanbanden vakantie. Vervolgens moeten ze in één maand een paar dagen keihard werken. Elf maanden staan ze stil. Dan moeten ze ineens ontiegelijk aan de bak. Met de zwaar beladen sleurhut of vouwwagen moeten ze honderden kilometers per dag afleggen. Meestal met een pittige snelheid. En ook nog eens bij zomerse hitte. Of over wegen vol gaten en hobbels. Dat betekent een vreselijk aanslag op de conditie van die banden. Zeker als ze al wat ouder zijn, scheuren de banden op een gegeven moment compleet aan flarden.

Als de sleurhut op ‘gecoverde’ banden staat (banden die een nieuw loopvlak hebben gekregen) kan door de hitte, die ontstaat door de wrijving van de banden op het wegdek, een zogeheten ‘loopvlakseparatie’ optreden. Dan laat het vernieuwde loopvlak spontaan los. Met alle kwalijke gevolgen vandien.

Leed

Nu komt het zorgelijke punt. Uit recent onderzoek (eind april 2010) van de bandenorganisatie Vaco blijkt dat het met de kwaliteit van de Nederlandse caravanbanden droevig is gesteld. Zo heeft elf procent van de onderzochte recreatievoertuigen banden die al zes jaar of ouder zijn. En die nooit en dus zeker niet jaarlijks door een specialist worden gecontroleerd. Dat is vragen om moeilijkheden.

Zelf zegt de Vaco het zo: “Het leeuwendeel van de caravaneigenaars controleert zélf de banden één of meer keren per jaar. Maar een kleine tien procent controleert zijn banden nooit of in ieder geval niet jaarlijks. Deze groep veroorzaakt daarmee veel leed en files. Ook laat de consument zijn banden veel minder vaak dan wenselijk door de erkende bandenspecialist controleren. Bijna dertig procent van de caravaneigenaren bezoekt nooit een bandenspecialist”. Aldus blijkt uit het onderzoek.

Leeftijd

Dit zijn de resultaten van het onderzoek. Elf procent van de caravanbanden is ouder dan zes jaar. Drieëntachtig procent daarvan komt nooit of niet jaarlijks onder ogen van de bandenspecialist. Vijf procent van de caravanbanden is zelfs ouder dan tien jaar en zou zonder meer preventief moeten worden vervangen. Maar liefst negentig procent van deze banden komt nooit bij de specialist voor controle. Slechts iets meer dan de helft van de ondervraagden (52 procent) let tijdens de controle op de leeftijd van de banden.

Conclusies

Tja, wie ben ik nou helemaal om de caravanbezitters van Nederland na deze schokkende cijfers nog iets aan te raden. Iedereen is oud en (eigen)wijs genoeg om z’n conclusies te trekken. Dus besluit ik maar met de obligate wens: prettige en vooral veilige vakantie.